Yataz nieuws & blog


Zoek naar artikelen:

 

Beurscentrum De Woonindustrie lijkt op een kippenhok

Het b-to-b centrum De Woonindustrie in Nieuwegein biedt onderdak aan fabrikanten en leveranciers van interieurproducten. Het voornemen om consumenten toe te laten tot het centrum leidt tot enorm gekrakeel. Oorzaak zijn heren die zich als haantjes gedragen.

Gisteren werd de Meubelbeurs Brussel afgesloten. Traditiegetrouw wisten ook behoorlijk wat Nederlanders de weg naar Brussel te vinden en onder die Nederlanders zaten ook aspirant exposanten die zoekende zijn omdat zij in eigen land geen goed podium vinden om hun waar te presenteren. Om het concreet te maken: het grootste b-to-b podium in Nederland voor bedrijven die interieurproducten aanbieden, staat in Nieuwegein en heet De Woonindustrie. Winkeliers, stylisten, interieurontwerpers en andere professionals komen daar om contact te leggen met leveranciers die hen eventueel wat kunnen verkopen wat vervolgens wordt verkocht aan ‘eindgebruikers’, consumenten in de meest brede zin van het woord.

Druk consumenten op producent
Er is een wereldwijde trend waarbij consumenten makkelijker direct in contact kunnen komen met ‘producenten’ en dan maakt het niet uit of dat nu producenten zijn van meubels, bedden, schoenen, wasmachines of kleerhangers. Internet is het krachtigste middel om de afstand tussen ‘producent’ en consument te verkleinen, maar je ziet ook hoe vakbeurzen vaak dagen hebben waarbij zij consumenten binnenlaten, naast de professionals. Inspelend op deze trend besloot De Woonindustrie dit jaar om meerdere ‘events’ te organiseren voor consumenten terwijl het centrum zich in principe richt op b-to-b: ‘producenten’ die leveren aan detailhandel in interieurproducten en anderen die zich hier beroepsmatig mee bezig houden.

Inkoopgroepen
De Woonindustrie wijzigde daarom haar koers van puur zakelijk gericht centrum naar een plaats waar ook af en toe consumenten mogen binnenwippen. Begrijpelijk vanwege de eerder genoemde trend en logistiek mogelijk doordat de ‘producenten’ permanent aanwezig zijn omdat zij in het centrum een vaste showroom hebben. Diverse professionele bezoekers die zich collectief hebben verenigd in zogeheten inkoopgroepen zijn daar niet blij mee en vinden het helemaal niks dat consumenten zomaar toegang krijgen tot De Woonindustrie. Achter die inkoopgroepen zitten winkeliers of organisaties/bedrijven die gewend zijn om grootschalig in te kopen, met daarbij behorende voordelen. In die inkoopgroepen zitten vooral mannetjes die zich als haantjes gedragen en nu hard kukelen om hun ongenoegen kenbaar te maken.

Haantjesgedrag
Dat ongenoegen richt zicht tot de Opperhaan van De Woonindustrie. Toevallig is die Opperhaan een hennetje, maar dat doet er in feite niet toe. Wat er wel toe doet, is dat het hennetje toegeeft aan die kakelende heren in die zogenaamde inkoopgroepen. Die haantjes vinden dat zij toch eigenlijk iets meer recht hebben om in het centrum De Woonindustrie hun inkopen te kunnen doen dan de kippen, hanen, kuikens en ander gevogelte dat straks in groten getale in de ren mag komen kijken naar allerlei meubels en andere interieurproducten die zij wellicht over een poosje in de winkel kunnen gaan kopen. De haantjes vinden dat zij met hún winkels dé plek zijn waar consumenten hun banken, kasten en bedden moeten gaan kopen.

Zwabberkoers
Het gevolg van het gekrakeel is dat de Opperhen in De Woonindustrie makkelijk toegeeft aan het masculiene gekakel van oude heren die zich als potente haantjes gedragen. Dus komt uit de lucht een voorstel vallen om 'iets minder' events voor de consument te houden. Dat vinden de producenten/exposanten van het centrum niet leuk en zij wijzen op afspraken die gemaakt zijn. Nu de directie van De Woonindustrie de koers bijstelt onder druk van buitenstaanders (Jij Mag Geen Consumenten Toelaten!) is het begrijpelijk dat exposanten gaan kijken naar een mogelijk ander platform om hun waar aan te prijzen. Want als de Opperhen gaat toegeven aan de territoriumdrift van de haantjes buiten de ren wordt het voor de buitenwacht onduidelijk wat daar binnen te verwachten is.

Duwen en trekken
Die ‘buitenwacht’ zijn winkeliers, stylisten, interieurarchitecten, horecaondernemers, consumenten en in feite iedereen die - direct of indirect - iets zou willen kopen van bedrijven die nu in De Woonindustrie staan. Nu er getrokken, geduwd en geroepen wordt in en over het centrum zou het best eens kunnen zijn dat potentiële bezoekers gaan afhaken want zij houden niet van ruzie. Ook exposanten willen geen ruzie, wel duidelijkheid. Exposanten in Nieuwegein kijken daarom nu naar andere plekken waar zij hun producten kunnen etaleren. Of dat nu in Brussel is of ergens anders, dat maakt niet uit. Maar iedereen wil wel af en toe zijn ei kwijt.

Aribert Guiking

<< Ga terug naar de vorige pagina

© 2020 YATAZ
Platform voor professionals in de woonbranche
MILNED Internetdiensten